En toen was het nacht...
  • Vr 26 Augustus

Wateroverlast

Nog maar kort geleden werd het hier overdag zó donker, dat het leek alsof de wereld verging, en op het Journaal werd Eindhoven speciaal genoemd vanwege de enorme wateroverlast. Ik neem aan dat het niemand is ontgaan dat hele delen van de stad onder water stonden. Een raar, verontrustend gezicht.

Tot onze verbazing en opluchting bleef het bij ons in de gang echter droog! En dat terwijl we toch al heel wat overstrominkjes hebben gehad hier. Het liefst op Oudejaarsavond, wanneer men zeker weet dat er de eerstkomende 48 uur geen enkele loodgieter beschikbaar zal zijn, of als het zeskoppige bezoek dat komt dineren zojuist is gearriveerd. Of als er toevallig een mud boeken op de vloer staat, gloednieuw en bedoeld om te signeren.

We waren zó gewend aan die terugkerende ellende, dat we tijdens onze vakanties de neiging hadden onze goede vriend van de firma Pipecleaning een ansichtkaart te sturen.
De laatste, en dus hopelijk ook écht de laatste keer, hebben we de gemeente erbij geroepen. Niets dan lof over die luitjes, want ze waren er binnen een kwartier en begonnen meteen als wilden de halve straat open te breken. Het euvel zat ‘m in de reusachtige kastanjebomen die bij ons voor de deur groeien en die met hun wortels de pijpleidingen waren binnengedrongen. De oude leidingen werden verwijderd en vervangen door ondoorlaatbaar plastic, daarna gooiden ze de boel weer dicht en had ik het strand voor de deur waar ik zo vaak naar verlangd had (be careful what you wish for!).

Jammer dat mijn geliefde eerst nog even struikelde over de opgestapelde stoepstenen en vervolgens bij de Spoedhulp in het Cathrien door middel van twee keiharde mega-injecties gevrijwaard moest worden van Tetanus. Plus dat zijn open been gedurende twee weken nogal veel verzorging vereiste (door mij). Maar daar konden die gemeentewerkers niets aan doen. En bij de zondvloed van afgelopen 23 augustus hielden we het dus voor de eerste keer kurkdroog. Dankzij de gemeente Eindhoven. Waarvoor nogmaals dank !

Foto: Ype de Groot

Tekst door Micky Otterspoor