Wim Daniëls
  • Wo 5 Oktober

Dè is toch wè?! Wim Daniëls maakt Brabants theaterstuk ‘Een ons komma’s’

Marc-Marie Huijbregts doet het, Gerard van Maasakkers doet het – en ‘onze Wim’ Daniëls doet het ook: theater maken in Brabants dialect. Hij schreef het theaterstuk Een ons komma’s, een reeks absurde scènes die hij samen met Marlon Kicken en Yvonne Gijsbers in vet Brabants op de planken brengt. Voor de goede verstaander valt er veel te lachen.

Aauwhoerderij
‘Ik ben hier om de hoek opgegroeid,’ zegt Wim Daniëls. In de feestzaal van dorpscafé De Vrienden in Aarle-Rixtel repeteert hij samen met de twee andere acteurs en regisseur Rob van Os scènes uit Een ons komma’s. Over drie dagen gaat het stuk hier in première. Bij Wim thuis werd alleen maar Zuidoost-Brabants dialect gesproken. ‘Ik heb daar alleen maar voordeel van gehad. Het dialect is een natuurlijke taal, met veel meer klanken en kleuren dan het Algemeen Beschaafd Nederlands. De ij spreek je in het Nederlands altijd uit als ij, maar als ik vijf zeg, zeg ik vèèf, als ik hij zeg, zeg ik haai, als ik kijken zeg, zeg ik kieken. Het dialect heeft meer warmte en meer zeggingskracht. Bij niet-Brabanders moet je overigens wel op je woordkeus letten. Als ik zeg ‘flikkert nou toch op mee oe aauwhoerderij’ bedoel ik gewoon dat ik het niet met je eens ben, maar het komt toch niet helemaal goed over.’

Paplepel
Ook Yvonne en Marlon van het AR-theater, zoals het driemanschap zich noemt, komen oorspronkelijk uit Aarle-Rixtel en kregen het dialect met de paplepel ingegeven. Wim ziet dat dat bij jongere generaties anders gaat. ‘De dialecten die ooit in elk dorp anders waren, verwateren snel. Nu wordt al 96% van de kinderen voor de helft of helemaal in het Nederlands opgevoed, dus over een jaar of veertig zullen de dialecten zijn verdwenen. De tongval en de klankkleur, zoals de Brabantse zachte g zullen het nog wat langer volhouden. Maar juist omdat het aan het verdwijnen is, vinden mensen het heel fijn om hun dialect te horen vertolken door acteurs en zangers. Gerard van Maasakkers uit Nuenen zingt al jaren in dialect, en Marc-Marie Huijbregts komt met een theatervoorstelling in het Tilburgs dialect. Het hangt in de lucht.’

Eindhovens dialect?
Wim heeft een hele reeks woordenboeken en taalgidsen op zijn naam staan, onder meer over sms-taal, achternamen en jongerentaal. Hij houdt voordrachten in het hele land en heeft een column in het populaire radioprogramma Spijkers met Koppen. Hij mag zich gerust een autoriteit op het gebied van het Algemeen Beschaafd Nederlands noemen. Maar hij is en blijft Brabander, en hij vestigde zich 20 jaar geleden in Eindhoven. Bestaat er eigenlijk zoiets als een Eindhovens dialect? ‘Nee,’ zegt Wim, ‘en dat komt doordat Eindhoven historisch geen eenheid is. De dialecten van de oorspronkelijke dorpen zoals Gestel, Woensel en Stratum zijn zo goed als verdwenen. Een stad als Helmond, waar door de textielindustrie altijd een grote arbeidersbevolking was, heeft wel een eigen dialect, met rauwe, harde klanken.’

Pittige komma’s
In café De Vrienden wordt de scène gerepeteerd waarin Wim achter een toonbank een ons komma’s opschept voor Yvonne. Wil ze er nog een zakje puntkomma’s bij? Of een paar koppeltekens misschien? Yvonne klaagt intussen over haar Jan die maar thuis op de bank zit en niet van pittige komma’s houdt. Om over zinseindepunten maar te zwijgen. In een andere scène legt Yvonne aan Marlon uit waar de koeien vandaan komen, waarbij ze een hoogst eigenaardige versie van de evolutietheorie uit de doeken doet – allemaal in plat Brabants. De absurde dialogen worden door het dialect nog een tikje hilarischer, waardoor er veel te lachen valt.

Zou er over veertig jaar echt niemand meer dat lekkere vette Brabants spreken? Wie Een ons komma’s ziet, weet wat de volgende generatie moet missen. Gelukkig is het nog niet zo ver.

www.wimdaniels.nl

Een ons komma’s gaat op vrijdagavond 7 oktober in première in Dorpscafé De Vrienden in Aarle-Rixtel, en is daarna nog te zien in onder meer Bakel, Lieshout en Helmond. Zie voor de complete speellijst de website van Wim Daniëls.

Tekst door Anneke van Wolfswinkel